Oma's hebben zo hun voorkeur



Natuurlijk zien grootmoeders al hun kleinkinderen even graag. Vraag het maar aan je eigen grootmoeder of ouders. Maar wetenschappers beweren dat oma's hun kleindochters toch nog nét iets liever zien. Tenminste: als het gaat om de dochters van hun zonen.

Dat blijkt uit een studie van wetenschappers van de Universiteit van Cambridge. Ze onderzochten het zogenaamde 'grootmoedereffect'. Dat is de term die men gebruikt om uit te leggen waarom vrouwen toch nog zo lang blijven leven, zelfs als ze niet meer vruchtbaar zijn. Het stond al lang vast dat dit gebeurt omdat oudere vrouwen van vitaal belang zijn bij het opvoeden van de kleinkinderen. Voor de keinkinderen met wie ze genetisch het nauwst verbonden zijn - de meisjes - doen ze dat het best, constateerde het onderzoeksteam in Cambridge.

Kleinzonen en kleindochters delen een verschillend percentage van het invloedrijke X-chromosoom met hun grootmoeders. Grootmoeders delen het grootste percentage met de dochters van hun zonen (31 procent), en het kleinste percentage met de zonen van hun zonen (23 procent). Met kinderen van dochters delen ze een even groot percentage (25 procent).

De onderzoekers verbonden dit gegeven met een studie naar grootmoeders en kleinkinderen in zeven verschillende bevolkingsgroepen van de zeventiende eeuw tot nu, in Azië, Noord-Amerika, Europa en Afrika. En wat bleek? Het sterftecijfer van kleinkinderen in de eerste drie levensjaren verschilde danig. De aanwezigheid van een grootmoeder had een negatief effect op kleinzonen. De overlevingskansen van een kleindochter bij een grootmoeder aan vaders kant waren veel groter.

'Het is een leuke theorie, maar of ze ook echt klopt, betwijfel ik', zegt professor Koen Devriendt, kliniekhoofd van het Centrum Menselijke Erfelijkheid aan de KU Leuven. Psychiater Chris Baeken van de Brusselse VUB treedt hem daarin bij: 'Het blijft bij speculatie.' 'Het staat onomstotelijk vast dat chromosoomgewijs een kleindochter meer heeft van een grootmoeder langs vaders kant dan een kleinzoon', legt Devriendt uit.

'Maar om dat feit te gaan linken aan een voorkeur van de grootmoeder? Dat vind ik nogal verregaand. Dat kan je niet aantonen. Dat het ene kleinkind een grotere overlevingskans zou hebben dan het andere? Begin dat maar eens te ontrafelen. Je kan nooit hard maken waaraan dat zou kunnen liggen. Er zijn veel te veel verschillende factoren die daarin meespelen.'



0 Reacties >>REAGEER<<:

Een reactie plaatsen