Zestig procent Belgische 50-plussers heeft verhoogde kans op hartinfarct


De pijl geeft een gevaarlijke vernauwing in een ader aan
"stenose aan de LAD"


BRUSSEL
Maar liefst 60 procent van de Belgen ouder dan 50 jaar loopt een verhoogd risico op een fataal hartinfarct binnen de tien jaar. Dat blijkt uit een recent uitgevoerde Belgische studie van cardioloog Luc Missault, de voorzitter van het wetenschappelijk comité van de Belgische Cardiologische Liga.
In België, zoals in de meeste westerse landen, zijn hart- en vaatziekten nog steeds doodsoorzaak nummer één. Ongeveer 40.000 sterfgevallen per jaar zijn te wijten aan cardiovasculaire aandoeningen, waarvan 15.000 ten gevolge van een hartstilstand.

Missault onderzocht de gegevens van 12.000 patiënten ouder dan 50 jaar die op huisartsbezoek kwamen in de periode van januari tot december 2006. In de studie werden enkele belangrijke risicofactoren geïdentificeerd. Zo blijkt dat, in de onderzochte populatie, roken (33 procent), zwaarlijvigheid (41 procent) en buikzwaarlijvigheid (50 procent) frequent voorkomen onder de Belgische bevolking. Ook twee andere belangrijke aandoeningen, hoge bloeddruk en hypercholesterolemie (te hoog cholesterolgehalte in het bloed), worden nog steeds onderschat.

Verdere sensibilisering is bijgevolg noodzakelijk. De Belgische Cardiologische Liga wil dan ook blijvend campagne voeren bij het grote publiek om de mensen ervan bewust te maken dat het belangrijk is parameters als bloeddruk en cholesterol regelmatig te laten controleren bij hun arts en de nodige raadgevingen op te volgen om het eventuele gezondheidsrisico te doen dalen.

Een hartinfarct is bijna altijd het gevolg van het plotseling verstopt geraken van één van de kransslagaders. Het begin is meestal een kleine beschadiging van de binnenwand van die slagader, waarop zich een klonter gaat vormen. Hierdoor sluit de ader zich af voor bloedtoevoer en komt een deel van de hartspier zonder zuurstoftoevoer te zitten. Hierdoor sterft het weefsel dat zonder zuurstof komt af met als gevolg een onvoldoende pompwerking van het hart.



In tegenstelling tot angina pectoris treedt hier dus wel een letsel van de hartspier op. De ernst van een hartinfarct staat in verband met de grootte van de afgestorven zone en het optreden van verwikkelingen zoals hartritmestoornissen, hersen- of longembolieën. Deze problemen zijn niet te voorzien en treden voornamelijk op in de eerste 72u na het begin van het infarct.

0 Reacties >>REAGEER<<:

Een reactie plaatsen